En alleen de muziek vliegt van West naar Oost Berlijn

by Déjà Vu

BeatlesDe afgelopen weken was  Pharrel Williams’ ‘Happy’ wereldnieuws. Waar in alle grote steden jongeren zichzelf al dansend op  film zetten werden zes kleurrijk geklede jongeren in Teheran opgepakt voor deze schending van de openbare orde.    Dezelfde dag twitterde de voor Iraanse begrippen gematigde president Rouhanieen blijkbaar door hem een jaar geleden gedane uitspraak: ‘“#Happiness is our people’s right. We shouldn’t be too hard on behaviors caused by joy.” ((29/6/2013) https://twitter.com/HassanRouhani/status/469100985798111232).

door Daniël Korving Ondanks Rouhani’s uitspraak komt de arrestatie niet als een verrassing in een autoritair regime als dat van Iran.  De politieke invloed van de conservatieve Ayatollah Khamenei en zijn achterban is niet gering,  waardoor  de anti-westerse  laag in de maatschappij ook waarneembaar is in het verbieden van ‘verderfelijke’ westerse invloeden, verspreid via muziek. Het slachtoffer? Niet het Westen, niet de verderfelijke invloeden,  maar de jonge generaties.

Het is niet de eerste keer,  en vast ook niet de laatste, dat muziek slachtoffer en instrument van politieke strijd wordt.  Plato schreef in “De Staat” (ca. 380 v. Chr.) al dat “toezichthouders”  alle tegen de gevestigde orde ingaande innovaties in muziek in het oog moesten houden. In 17e eeuws Engeland kwam het uitvoeren van ballades die geen vergunning hadden je op een gevangenisstraf te staan, in 19e eeuws Italië waren de librettos van opera’s  onderwerp van zware censuur. China verbiedt Tibetaanse volksmuziek   en de nazi’s verboden joodse muziek, “negerjazz” en Amerikaanse pop.  Kortom; muziek  wordt te allen tijde beschouwd als potentieel  gevaar.  Voor totalitaire ideologieën als het communisme en nazisme was juist de muziek,  enerzijds  triviaal, onzichtbaar  en onbetekenend,  anderzijds beladen genoeg om slachtoffer te worden van censuur,  tekenend hoe ver de arm van de staat tot het diepst van de privésfeer reikte. Autoritaire en totalitaire staten realiseren zich de hoogst individuele beleving van muziek. Het is precies daarom dat zij muziek niet alleen censureren maar er ook gretig gebruik van maken: muzikale propaganda blijft een van de krachtigste propagandamiddelen.  Het jongste voorbeeld is wellicht de Syrische president Assad die erop stond dat nationalistische muziek in alle openbare ruimtes in Syrië werd afgespeeld.

Terug naar de popmuziek van Pharrel en het weren van “verderfelijke westerse invloeden”. Muziek is moeilijk beheersbaar en niet tegen te houden bij een douane, zeker niet in een digitaal tijdperk. Een ander goed voorbeeld is uiteraard de Sovjet-Unie. De decennia van de rock ’n roll, de rock en de popmuziek in het Westen werden ook aan de andere kant van het Ijzeren Gordijn gevoeld. Ook bij jongeren in  Rusland werden de op de krakkemikkige korte-golfradiootjes schaars beschikbare Beatles als een openbaring ontvangen. Verboden werd het in eerste instantie niet, maar tekenend was de Staatsproductiemaatschappij “Melodiia”, die schijfjes uitgaf met aan de ene kant de Westerse artiesten en aan de B-kant standaard, uiteraard, Russische volksmuziek.  Veel artiesten in Rusland, waaronder de rockvaders van Rusland, Mike Naumenko en Boris Grebenschikov, hebben hun inspiratie ontleend aan de Beatles. Zie hier Grebenschikov’s  versie van Come Together. Geen commentaar.

 Sommige auteurs beweren dat de Beatles het communisme hebben doen laten vallen;  de immens populaire rock zou de jeugd vervreemd hebben van de dogma’s van het communisme en daarmee van de Sovjet regeringen.

Of het zo’n impact gehad heeft valt te betwijfelen, maar dat er door de Sovjetautoriteiten met argwaan gekeken werd naar rock bewijst het Tblisi Rockfestival uit 1980. In het filmpje hieronder zien we het enige, en laatste rockfestival in de Sovjet-Unie, een (late?) poging van de Sovjet autoriteiten om de rock ideologisch beheersbaar te houden.  Kraftwerk trad ook op, maar de rest van de bands waren waarschijnlijk witgewassen staatsbands. Rockvader Grebentschikov heeft  na dit optreden zijn artistieke carriére in de Sovjet-Unie kunnen vergeten. Iets te enthousiast publiek begon met frisbees te gooien, waarna de jury de KGB inlichtte, die op zijn beurt weer de band van Grebentschikov, Aquarium, als schuldige aanwees. Grebenschikov verloor  zijn Komsomol lidmaatschap en zijn baan bij een ontwerpbureau.  Dit is natuurlijk niet te zien op de opnames van de staatstelevisie.

Tblisi Rockfestival, 1980:

Tot slot een leuke Tsjechische versie van Hey Jude. In de verfilming van het boek “De ondraaglijke lichtheid van het bestaan” uit 1988, over het Tsjechische intellectuele en artistieke leven tijdens de Praagse Lente (1968), is een Tsjechische uitvoering van Hey Jude te horen gezongen door Marta Kubisova (beelden van de echte invasie alswel de trailer van de film-grotendeels opgenomen in Lyon):

Daniël Korving

You may also like

Leave a Comment