Helden en schurken: Cesare Borgia

by Déjà Vu

borgia

De komende weken staat de blog in het teken van de rubriek ‘Helden en schurken’, waarin we inzoomen op de meest controversiële figuren uit de geschiedenis. Vandaag schrijft Caroline over Cesare Borgia, telg van de beroemde machtsbeluste Italiaanse familie Borgia en zoon van paus Alexander VI.

Caroline Schep

Bijna tien jaar geleden, op 11 maart 2007, werd het stoffelijk overschot van Cesare Borgia herbegraven in de Santa Maria in Viana. Dat was vijfhonderd jaar nadat de beroemde doch beruchte heerser op 31-jarige leeftijd was omgekomen op het slagveld. In dat halve millennium is er ontzettend veel gedacht, geschreven en gezegd over zijn persoon. Dat had er onder andere toe geleid dat hij, die zijn carrière eens begonnen was als bisschop, in 1527 uit zijn graf gelicht werd door de bisschop van Calahorra. Het zou een schande zijn dat zo’n zondaar in de kerk begraven lag. De bisschop zag nog liever dat zijn graf “vertrapt werd door mensen en beesten”. Waarom was hij zo verontwaardigd? En hoe kan het dat Borgia zijn kerkelijk graf nu weer heeft teruggekregen?

Om de persoon van Cesare Borgia beter te kunnen begrijpen, is het handig om iets te weten over zijn jonge jaren. Cesare werd op 13 september 1475 geboren uit de onwettige relatie van paus Alexander VI en Vannozza dei Cattanei. De van oorsprong Spaanse familie Borgia had enkele decennia daarvoor haar macht gevestigd in Italië via vriendjespolitiek in de kerk. Zo was ook Cesare’s vader Rodrigo paus geworden, die de familietraditie voortzette. Corruptie, maîtresses, niets was te gek. Was het dan heel verrassend dat ook Cesare weinig moraal vertoonde? Wie denkt dat ervaring en een goede opleiding een goed heerser maken, heeft het eveneens mis. Cesare werd klassiek geschoold, beheerste vijf talen en werd al op vijftienjarige leeftijd tot bisschop benoemd. Desondanks zou hij met zijn slechte reputatie niet onderdoen voor zijn voorgangers.

Net als de in een eerdere blog behandelde Dzjengis Khan was Cesare Borgia in de ban van macht. Zijn positie als kardinaal gaf hem niet genoeg mogelijkheid om die ambities te ontwikkelen en dus legde hij in 1497 zijn kerkelijke ambten neer. Vanaf dan lijkt het bergafwaarts te gaan, in ieder geval met zijn imago. Zo werd hij, zij het naast anderen, beschuldigd van de moord op zijn broer Giovanni. Intussen werd hij door de Franse koning benoemd tot hertog van Valence, wat hem de bijnaam Valentino opleverde. Met de schattige liefde die deze naam misschien bij ons oproept, had hij echter niet veel te maken. Hij scheidde van zijn eerste vrouw en verliet de tweede voor een leven met prostituees. Door het oplopen van syfilis moest hij zelfs zijn gezicht gaan bedekken met een zwart masker, wat hem alleen nog maar ontoegankelijker en geheimzinniger maakte.

Wel boekte Cesare successen op militair gebied: hoewel hij zijn geplande Italiaanse Borgia-staat niet kon realiseren, wist hij wel een aantal belangrijke steden en de hele streek Romagna te onderwerpen. Zodoende werd zijn machtszucht alleen nog maar benadrukt en werden steden in de omgeving steeds banger. Zijn wreedheid kwam naar voren in allerlei geruchten, waarvan het waarheidsgehalte vaak twijfelachtig is. Had hij een incestueuze relatie met zijn zus Lucrezia en werd hier zelfs een zoon uit geboren? Had hij ook haar tweede man gewurgd? Had hij zich schuldig gemaakt aan verkrachting? Zekerder is dat hij een verrader was, elf onwettige kinderen had, eens de vrouw van zijn tegenstander liet ontvoeren en dat hij zijn eigen militaire gouverneur liet onthoofden in een poging zijn imago te redden. Wat er nu wel of niet waar is over Cesare Borgia; in zijn manier van heersen kan hij wel degelijk een schurk genoemd worden.

Zoals we de afgelopen weken echter al vaker hebben gezien, hangt ook bij Cesare je oordeel af van wie je bent. Voor de bange Italianen buiten zijn rijk was het gemakkelijk om hem negatief af te schilderen. Maar Niccolò Machiavelli nam deze Borgia juist als het voorbeeld van de ideale heerser in zijn boek Il principe (de vorst), waarin hij over hem schreef: “Er was één man die glimpen van grootheid vertoonde, het soort dat je doet geloven dat hij van God gezonden was om het land te verzoenen.” Cesare was een sterke en gevreesde heerser; beter kan niet, in Machiavelli’s optiek. In zekere zin is de manier waarop hij Romagna verenigde ook bewonderenswaardig. Eveneens stimuleerde hij kunst en wetenschap. Voor een willekeurige wetenschapper destijds kan hij dus net zo goed een held zijn geweest.

Zo snel als hij zijn rijk gevestigd had, zo snel is ook Cesare’s honger naar macht zijn ondergang geworden. Inmiddels heeft de Rooms-katholieke kerk hem vergeven, maar nog altijd vormt zijn mysterieuze persoon een bron van inspiratie voor boeken, films, series en zelfs een manga. Ieder oordeel over hem is subjectief, maar wellicht vormen de beginwoorden van het epitaaf dat op zijn oude graf stond een passende samenvatting van wie hij was:

Hier ligt in een beetje aarde
Hij die een ieder vreesde
Hij die vrede en oorlog
In zijn hand hield.

Volgende week schrijft Bruno over Napoleon Bonaparte, de ambitieuze Corsicaan die zichzelf tot keizer van Frankrijk kroonde.

You may also like

Leave a Comment