Historici: Herover!

by Vice-Praeses

De Nederlandse historici hebben schuld aan het gebrek van geschiedkundige kennis in de samenleving, stelt Rutger Bregman in de Volkskrant vorige week. Zij zouden zich te veel bezighouden met onbelangrijke trivialiteiten, durven geen lessen te trekken uit het verleden en relativeren zichzelf weg.

Thijs Bogers, historicus en politicoloog, ging de discussie met de heer Bregman op de Dag van de Jonge Historicus op 29 september al aan. Bregman pleit ervoor het verleden “omwille van het heden” te bestuderen, terwijl Bogers vindt dat historici slechts “het verleden omwille van het verleden” moet bestuderen. En zoals de historicus doet, hoort het.

Het verleden ombuigen omwille van het heden tast de wortels van het vak aan en is een doodzonde voor de geschiedschrijving. Hier zullen weinig mensen het mee oneens zijn. Met het aanstippen van enkele, op het eerste gezicht misschien compleet nutteloze scripties als voorbeelden (de hernieuwde interesse voor het Zeeuwse platteland tussen 1750 en 1850), generaliseert hij natuurlijk wel een hele academische sector. Bovendien zou er wellicht een prima weldoordacht motief achter een dergelijk onderzoek kunnen zitten.

Toch snijdt Rutger een interessant punt aan. De discussie vraagt misschien toch om enige zelfreflectie van ons jonge historici. In de huidige historicus schuilt wellicht toch een wat angstige grijze muis die zich prima in zijn zolderkamertje verschuilt achter de, ver achter ons gelaten, historische feitjes.

Zonder de sociaalwetenschappelijke neiging om te generaliseren en theoretiseren zouden historici namelijk best een grotere rol kunnen spelen in het huidige publieke debat. Zelden komt er een degelijke historicus aan bod om bijvoorbeeld politici eens achter de oren te wassen over geschiedvervalsing tijdens campagnes of om verkeerde aannames in het publieke debat te corrigeren. Er valt historisch gezien genoeg zinnigs te zeggen over de kredietcrisis, de multiculturele samenleving en de stijgende zorgkosten, zoals Rutger beweert. Maar waar blijft de historicus? Deze is vooral niet bezig lessen uit het verleden te trekken.

Academische geschiedschrijving zou zeker geen slachtoffer moeten worden van popularisering van het vak (wat de kwaliteit niet ten goede komt). Toch heeft Rutger gelijk dat dit ergens anders wel gebeurt door niet-historici. Van een” V.O.C.- mentaliteit” tot “linkse hobbys”; wij zouden ons vakgebied moeten terugwinnen op de populistische “geschiedschrijvers” en het publieke debat heroveren met relevante historische inzichten en discussies.

Daniël Korving

You may also like