‘Ik ben lekker stout’

by Vice-Praeses

Toen ik in groep 3 zat moesten we een spreekbeurt houden over iemand die we bewonderden. Ik vertelde iets over Annie MG Schmidt. Ze was toen al overleden, maar iedereen in de klas kende haar. In ieder geval haar verhalen, zoals Jip en Janneke en Otje. Tegenwoordig vind ik de verhalen van Annie een beetje kneuterig. Misschien is het wel leuk voor kinderen, maar van Ja zuster Nee zuster krijg ik de kriebels. Te vrolijk gedans – met name het  rondgehuppel van twee gearmde mensen vind ik gruwelijk – te veel rijm en te veel overdreven blijheid. Ik heb me vaak afgevraagd of Annie hier eigenlijk wel tegen kon; een nors oud vrouwtje met grote bril die veel witte wijn dronk en heel veel pafte. Zoals het een goede schrijfster betaamt. Maar ik begin nu af te dwalen van wat ik wil schrijven: dat gaat  namelijk over zeer volhardende chagrijnigheid die ik de afgelopen week heb afgevuurd op vrienden, familie en caissières. De oorzaak van dit plots opgekomen chagrijn kan ik niet goed aangeven. Misschien een samenloop van omstandigheden, zoals donkere dagen, PMS, chronische kater, scriptiestress of posttraumatisch stress van het illegale vuurwerk dat mijn buurjongen heeft afgestoken met Oud en Nieuw. Anyway, echt gezellig was ik niet. Zo werden vriendelijke groeten, de beste wensen voor 2012 en een nog Gelukkig Nieuwjaar, steevast gereplied met ‘Maak ik zelf wel uit’ of – in de ergste gevallen – ‘Flikker op’. En het leek er niet beter op te worden, tot ik opeens weer moest denken aan Annie die jaren daarvoor precies verwoordde waarom je soms chagrijnig kunt zijn met onaanwijsbare reden. Soms moet je jezelf gewoon even herinneren aan de wijze woorden: ‘Ik wil niet aardig zijn, maar stout.’ Dan ben je het simpelweg een beetje zat en wil je geen handjes meer geven. Of iedere keer zeggen ‘Jawel mevrouw, jawel meneer’. Handen op je rug en lekker niets terug zeggen. En alles wat niet mag: DE HELE DAG. DE HELE DAG. Annie sloeg de spijker op zijn kop en dat beseffend,  klaarde mijn  bui een beetje op. Al was ik natuurlijk niet meteen Ja Zuster, Nee Zuster-happy. Maar het relativeringsvermogen is inmiddels wel aan het terugkeren. Dat is toch goed nieuws voor de door mij geterroriseerde vrienden, familie en caissières. Ik wil, bij deze, ook nog even mijn verontschuldigingen maken. En als ze kwaad zijn, zeg ik: BIL.

Anika van de Wijngaard

22 jaar, MA- student geschiedenis en schrijfster in spé

You may also like

Leave a Comment