Nostalgie naar het rode tijdperk

by Déjà Vu

Melle Havermans

Achter het rode spandoek lopen mannen en vrouwen. Revolutie! roepen ze. Weg met het kapitaal!Een oudere vrouw duwt me het partijblad van de Communistische Partij in mijn handen. Met de Internationale op de achtergrond schuift het gezelschap voorbij; de hoek om en dan zijn ze verdwenen. 

Wie 1 mei op het Nevski Prospekt in St. Petersburg meemaakt is heel even terug in de tijd. Al is de parade nu een allegaartje geworden van allerlei stromingen – neonazi’s, anarchisten, dierenactivisten, en de vakbond van Gazprom, om er maar een paar te noemen – de communisten vormen nog steeds de grootste delegatie.

Waarom hebben de communisten nog steeds zo’n aanhang? De Communistische Partij van de Russische Federatie (KPRF) is de enige partij in het Russische parlement die zich nog tegen Poetin durft uit te spreken. Andere partijen voeren geen oppositie meer: de enige reden dat zij nog bestaan is om de schijn op te houden dat Rusland een plurale democratie is.

Terug naar Nevski Prospekt. Wie naar de mensen achter het rode spandoek kijkt krijgt een inkijkje in het electoraat van de KPRF. Op een enkeling na zijn het ouderen die de dienst uitmaken. Mensen die opgegroeid zijn in de tijd dat Rusland nog de Sovjet-Unie was en Brezhnev er de dienst uitmaakte. Een tijd van stagnatie, maar ook van stabiliteit. Voor hen staat de KPRF voor dat stabiele verleden. Glasnost en Perestrojka zorgden dan wel voor openheid en vernieuwing, maar dat waren wel vernieuwingen die het leven een stuk moeilijker en chaotischer maakten. 

Sinds de val van de Sovjet-Unie is er immers veel veranderd voor de Russen. Niet altijd in positieve zin. Economische vernieuwingen zorgden ervoor dat veel mensen werkloos werden, en ook het verhogen van de pensioenleeftijd leidde tot de nodige spanningen. Het communistische verleden, voor veel Russen een bron van trots en identiteit, verdween in de ijskast. Soms meende men zelfs dat de mens veranderde: van een solidair wezen tijdens de Sovjet-Unie naar een egoïstisch wezen in het nieuwe Rusland. 

De Duitse taal kent een prachtig woord voor dit fenomeen: Ostalgie. In Oost-Duitsland kijkt men evenwel met heimwee naar de tijd voor de val van de muur. Men realiseert zich dat niet alles beter beter was, maar het leven was tenminste overzichtelijk en eenvoudig. Geen wonder dus dat het afbreken van het Palast der Republik, een landmark in Oost-Berlijn, op groot verzet stuitte van voormalige Ossi’s. Op andere vlakken hebben zij meer geluk. Zo kan je nog steeds zogenaamde Ostprodukte kopen.

Die Ostproduktezijn een nostalgische verwijzing naar hoe het leven vroeger was. Aanhangers van de KPRF in Rusland zien in die partij een soortgelijke verwijzing. Voor hen gaat het minder om Marx en Lenin, en meer om identiteit en verleden. En op 1 mei, als men de sovjetmedailles en rode vlaggen weer even tevoorschijn kan halen, heeft men ook de kans om nog eenmaal in dat verleden te leven.

You may also like