Spookverhalen voor de ivoren toren

by Déjà Vu

Julius van der Poel

Voor de Britse historicus en gelauwerd schrijver van horrorverhalen, Montague Rhodes James, waren twee ingrediënten noodzakelijk voor een geslaagd spookverhaal: ‘de atmosfeer en een goed uitgevoerd crescendo’. Tussen 1904 en 1928 publiceerde James een aantal bundels met spookverhalen waarin hij de clichés van de Britse Gothic literature achter zich liet door supernatuurlijke gebeurtenissen op een slimme manier te verweven met het eentonige leven van alledag. In zijn verhalen raken personages verwikkeld in een strijd met het bovennatuurlijke, waarin ogenschijnlijk alledaagse objecten mensen langzaam tot waanzin drijven. In dit opzicht ontleent menig moderne horrorfilm zijn opbouw aan M.R. James.  

Als gerespecteerd academicus verbonden aan Kings College Cambridge en provost van Eton College spendeerde James zijn hele leven binnen de muren van prestigieuze onderwijsinstellingen. Hij catalogiseerde een groot deel van de manuscripten van de bibliotheken van de colleges van Cambridge en gaf een vertaling uit van de Apocriefen van het Nieuwe Testament. Dit geprivilegieerde en beschermde leven van de Britse academische elite is een terugkerend thema in zijn verhalen. Het was een leven van leisure, dat slechts zo nu en dan werd onderbroken door de bestudering van oude manuscripten en avonden in bibliotheken met gebrandschilderde ramen. Hoewel een product van een dergelijk milieu, steekt James geregeld de draak met het leven in de ivoren toren. Zijn personages, vaak naïeve academici, willen nog wel eens vervallen in uitgebreide litanieën over de beste golftechniek, waar hij ‘de lezer absoluut niet mee wil vermoeien’.

In zijn spookverhalen laat James zich inspireren door zijn werk als mediëvist en filoloog. Ze zitten vol met mysterieuze landhuizen, galgenbergen, oude schilderijen, overgeleverde documenten, opgedoken spreuken, runenstenen en gotische kathedralen. Op originele wijze worden de beschrijvingen van gruwelen en andere buitengewone gebeurtenissen beschreven met een haast academische zakelijkheid. Deze zakelijkheid slaat echter snel om in een koortsachtige nervositeit die de lezer niet meer loslaat, wanneer de duisternis zich om de desbetreffende suffe academicus sluit.

De verhalen van James zijn aldus een absolute must read voor historici. Niet alleen zodat ze gewaarschuwd zijn voor de gevaren die eeuwenoude stoffige manuscripten nu eenmaal kunnen bevatten, maar ook omdat ze zich ongetwijfeld zullen herkennen in de levens van James’ personages in hun ivoren toren…

M. R. James, Ghost Stories, Penguin Random House, 2018; 978 0 241 34162 9; paperback; 314 pagina’s; 8,99 euro. 

You may also like

Leave a Comment