Uni- multipolariteit: een nieuwe mondiale machtsverdeling?

by Déjà Vu

090806_waltbTheoretici nemen over het algemeen aan dat het systeem van internationale betrekkingen na de Koude Oorlog wordt gekenmerkt door unipolariteit: een machtsverdeling door één of meer staten met mondiale economische, militaire en culturele invloed. Hierin hebben de Verenigde Staten de leidende rol. Kan er ondanks het agressieve optreden van Rusland in Oekraïne en de Kaukasus, de toenemende uniformiteit van de Europese Unie en de opkomst van communistisch China nog worden gesproken van unipolariteit anno 2014? Zo niet, van welk systeem is er dan wel sprake?

door Patrick van der Geest De geschiedenis kent veel unipolaire mogendheden: Athene in de Delisch Attische Zeebond, het Romeinse Rijk, het Britse Rijk en de Verenigde Staten. Maar deze unipolaire mogendheden zijn voornamelijk ontstaan als het gevolg van een bipolaire machtsstrijd. Tegenover Athene stond Sparta, tegenover de Romeinen de Sassaniden, de Britten wisselden Frankrijk af met Rusland en de Verenigde Staten hadden een halve eeuw een patstelling met de Sovjet Unie. Unipolariteit duurde zelden lang of de unipolaire mogendheid werd overtroffen of bezweek onder de mondiale verplichtingen. Is dit ook de toekomst van de Verenigde Staten?

 Hoewel wereldwijde uitgaven aan defensie afnamen in 2013, zijn de Verenigde Staten nog verantwoordelijk voor de helft – 461 miljard euro – van deze uitgaven. De Amerikaanse marine is groter dan alle andere marines samen. Het budget van de Verenigde Staten voor onderzoek en ontwikkeling is tachtig procent groter dan dat van de eerstvolgende concurrent, China. Daarnaast beschikken de Verenigde Staten over een groot arsenaal van nucleaire wapens en hebben een ongeëvenaard vermogen om expeditionaire oorlog te voeren. Hoewel het erop lijkt dat de Amerikanen nog lang de unipolaire leiders van de wereld blijven, zijn er absolute grenzen aan de macht.

 Volgens de Indiase journalist en schrijver Gautam Adhikari was het ‘unipolaire moment’ na de Koude Oorlog slechts een illusie. Adhikari redeneert dat termen als unipolairiteit en ‘hyperpower’ moeten worden afgeschaft, en dat termen zoals ‘onmisbare kracht’ en ‘leider van de democratische wereld’ de Verenigde Staten meer recht doen. Er bestaat immers een gat tussen de Amerikaanse militaire capaciteiten en de daadwerkelijke macht om de uitkomst van gebeurtenissen te bepalen. Met een bruto binnenlands product van 12,7 triljoen euro, technologische bekwaamheid en een defensiebudget ter grote van de eerstvolgende twintig landen samen wordt er niet getwijfeld aan de Amerikaanse supermachtstatus, maar sociale wetenschappers zetten wel vraagtekens bij de toepassing van deze macht en de realiteit van een multipolaire wereld.

 Het Britse Rijk viel al snel uiteen na de Tweede Wereldoorlog, en de Sovjet Unie na 1989. Hiermee waren de Verenigde Staten de laatste supermacht in de wereld, maar dat betekent niet dat de wereld plotseling unipolair is geworden. Zo schreef Zbigniew Brzezinski dat overwicht niet moet worden verward met almacht. En dat is ook het geval met de Verenigde Staten. Volgens Samuel P. Huntington is er sprake van unipolariteit als er één supermacht is, geen grote mogendheden, maar wel een grote hoeveelheid kleine mogendheden. Dit is niet het geval, aldus Huntington, omdat de hedendaagse internationale politiek wordt gekenmerkt door een vreemde hybride: een uni-multipolair systeem met één supermacht en een aantal grote mogendheden.

 Bevindt de huidige internationale machtsverdeling zich dan tussen twee systemen – unipolariteit in het verleden en multipolariteit in de toekomst? Mogelijk, want volgens Zbigniew Brzezinski zijn de Verenigde Staten bij uitstek nog wereldleider, maar wordt de legitimiteit, effectiviteit en duurzaamheid van dit leiderschap steeds meer in twijfel getrokken. Daarnaast zijn er ook een groot aantal potentiële supermachten die in de nabije toekomst unipolariteit door multipolariteit zouden kunnen vervangen.

 Een mogelijke nieuwe supermacht is de Europese Unie, maar daar is wel een nauwere samenwerking voor nodig met een gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid. Daarentegen zou China de Amerikaanse wereldorde al snel kunnen beconcurreren door uitzonderlijke economische groei, doorslaggevende politieke beslissingen in het nationaal belang, relatief kleine buitenlandse verplichtingen en een exponentieel groeiende militaire potentie. Na de potentiële supermachten volgen nog een aantal grote mogendheden zoals Rusland, Japan, India en de leiders van de Europese Unie: Groot-Brittannië, Duitsland en Frankrijk. Afzonderlijk hebben deze grote mogendheden niet de potentie om ooit supermacht te worden; zij zijn kenmerkend voor het uni-multipolaire systeem van Huntington.

 Hoewel wij momenteel leven in een uni-multipolaire wereld met één supermacht en een aantal grote mogendheden, moeten wij erbij stilstaan dat de wereld wellicht richting non-polariteit ontwikkelt. Door toenemende machtsdecentralisatie in natiestaten is er sprake van ‘devolutie’, een proces waarbij opkomende staten grotere autonomie krijgen in de regio, maar nooit supermachten worden. Daarnaast ebt de macht van de natiestaat weg naar niet-gouvernementele organisaties en multinationale ondernemingen, waardoor de machtspotentie van natiestaten afneemt als gevolg van een nieuwe, neoliberale, staatsloze wereldorde.

 Bij de overgang naar het nieuwe millennium kwam er een einde aan unipolariteit. De potentie van de Verenigde Staten als supermacht is ondanks de teloorgang van unipolariteit niet tanende. De Amerikaanse rol als wereldleider wel, door concurrentie van potentiële supermachten en andere opkomende grote mogendheden. Van multipolariteit kan nog niet worden gesproken. Wij bevinden ons in een overgangsfase tussen uni- en multipolariteit.  Langzaamaan ontwikkelt een nieuw ‘Concert van Europa’ op mondiale schaal, het ‘Concert van de Wereld’. Hoewel de Verenigde Staten hopeloos voor scheidsrechter spelen, zijn de nieuwe internationale speellijnen van het machtsevenwicht getrokken.

You may also like

Leave a Comment